profiel_mirageIII

Geschiedenis Mirage III/Mirage 5

Nadat we de vorige twee afleveringen van “Profiel” een fighter uit het westen hebben behandeld, willen we het deze keer hebben over hèt gevechtsvliegtuig van het Franse “Armee de l’Air”. Natuurlijk hebben we het hier over de Dassault Mirage! In deze aflevering willen we de Mirage III/5 gaan behandelen, waarschijnlijk wordt in het volgende nummer dan de Mirage 2000 besproken.

Geschiedenis Mirage III/Mirage 5

De geschiedenis van de Mirage III en de Mirage 5 vinden hun oorsprong in de experimentele Mirage I en II, welke dus nooit bij een luchtmacht hebben gevlogen. Hoewel de geschiedenis van de Mirage III en de Mirage 5 zeer nauw overeen komen beginnen we met de geschiedenis van de Mirage III. Deze kist werd oorspronkelijk ontworpen als een all-weather fighter. Een belangrijke eigenschap die het vliegtuig ook moest bezitten was dat het in staat moest zijn van geïmproviceerde startbanen te opereren. Heel karakteristiek aan de Mirage III was (vooral bij de in dienst treding in 1961) de slanke romp, de deltavleugel en de ronde inlaten onder de cockpit. De eerste produktieversie, de Mirage IIIC, werd in Frankrijk, Israël en Zuid-Afrika (en later ook in Argentinië) in dienst genomen. Een veel groter succes van de Mirage III was het E-type, want dit type was een all-round fighter. Door de sterkere ATAR-9C straalmotor en de betere wapen- en navigatiesystemen van de Mirage IIIE werd het toestel door veel landen gekocht, mede doordat het een niet al te duur toestel was en het land wat het kocht waarde voor zijn geld gaf. De belangrijkste uiterlijke verschillen tussen de Mirage IIIC en E is dat het E-type 30 centimeter langer is en een onder de neus aangebrachte bult heeft waarin een doppler radar is ondergebracht. Andere versies van de Mirage III waren de IIIB, de IIID (beide tweezitters) en de IIIR fotoverkenner. Frankrijk heeft in totaal 183 Mirage III’s in dienst gehad. De laatste operationele exemplaren van de Mirage III werden in augustus 1994 door de Franse luchtmacht afgestoten. Toch worden in Frankrijk nog enkele toestellen gebruikt voor testdoeleinden. Bouwer Dassault hanteert voor alle geëxporteerde Mirages een aanduidingssysteem waaraan de klant te herkennen is. Soms komt er een nieuwe versie-letter, maar vaak wordt aan de bestaande versie-letter één letter toegevoegd. Voor de Mirage III betekende ook een nieuwe versie-letter, namelijk voor Zwitserland werd het Mirage IIIS (van de Schweizerische Luftwaffe).


De Mirage 5 ontstond door de Mirage IIIE verregaand te moderniseren. Vooral de wapen- en elketronische systemen werden erg ‘opgevoerd’. Een ander verschil met de Mirage III is dat de ‘5’ (ook wel aangeduid als Mirage V) een grotere interne brandstofvoorraad heeft en meer bewapening kan meevoeren. De eerste afnemer van de Mirage 5 zou Israël worden, maar de aflevering van de kisten werd verhinderd door een boycot. Daardoor werden de (voor Israël bestemde) Mirage 5’s eerst een aantal jaren in storage gezet totdat de Franse luchtmacht ze uiteindelijk zelf tot 1994 in dienst heeft gehad als Mirage 5F. De Mirage 5 kreeg ook een nieuwe versie-letter, namelijk Mirage 5B (Belgische luchtmacht). De Mirage 5 operaties binnen de Belgische luchtmacht willen we iets nader belichten. België is het enige land dat, sinds de in gebruik name van de Mirage 5, niet meer operationeel met de toestellen vliegt. De Mirage 5’s zijn tussen 1970 en eind 1993 in dienst geweest binnen de Belgische luchtmacht. In totaal 106 toestellen deden dienst als: grondaanvallers (dit was de Mirage 5BA, waarvan er 63 waren), verkenners (dit was de Mirage 5BR, waarvan er 27 waren) en als trainer (dit was de Mirage 5BD en hiervan waren er 16).

Sommige export-versies van de Mirage 5 worden aangeduid als Mirage 50.

Meer dan 1400 exemplaren zijn er in totaal van de Mirage III en de Mirage 5 gebouwd. Een aantal van deze kisten zijn in andere landen geassembleerd, voornamelijk in België, Zwitserland en Australië. Een aantal andere type gevechtsvliegtuigen werden ontwikkeld uit de Mirage III en de Mirage 5, waaronder de Israëlische Nesher/Dagger en Kfir-C7 (dit ‘leeuwejong’ werd door de U.S. Air Force besteld om ze te gebruiken bij hun Top Gun-training). De Zuidafrikaanse Cheetach is ook een doorontwikkelde versie van de Mirage III en de Mirage 5.
Inmiddels lopen er diverse moderniseringsprogamma’s om de oude Mirage 3 en Mirage 5’s te voorzien van moderne apparatuur en kleine hulpvleugeltjes (ook wel canards genoemd) op de luchtinlaten die vooral zijn bedoeld om de wendbaarheid te vergroten.

Gebruikers Mirage III/Mirage 5

Landen die met de Mirage III/Mirage 5 vliegen of hebben gevlogen zijn, in alfabetische volgorde: Argentinië, Abu Dhabi, Australië, Brazilië, België, Colombia, Chili, Egypte, Gabon, Israël, Libanon, Libië, Pakistan, Peru, Spanje, Venezuela, Zaire, Zuid-Afrika en Zwitserland.  

Technische gegevens Mirage III/Mirage 5

Spanwijdte:           8,22 m.
Lengte:               13,85 m.                
Hoogte:               4,25 m.
Max. gewicht:         13.500 kg. Leeg 5600 kg, vlieggewicht 10.000 kg.                                                         
Motoren:              Een S.N.E.C.M.A. Atar 9C straalmotor van 6.400 kg stuwkracht.                        
Lading:               4.000 kg.               
Bewapening:           Twee DEFA 30 mm kanonnen. Volgens een vliegtuigherkenningsboekje uit 1961 had dit type Mirage destijds ook nog de volgende bewapening: Een Nord 5103 of Matra 511 air-to-air raket, twee AIM-9 Sidewinders of een 1000 ponder bom.
Max. snelheid:        Mach 2.2 hoog, mach 1.1 op Sea Level (S/L). De meest economische kruissnelheid bedraagt  Mach 0.9 (950 km/h) op 40.000 voet.  
Plafond:              17.000 m.
Combat radius:        600 km. (GA)

Herkenningskenmerken Mirage III/Mirage 5

Vleugel:              Laagdekker met driehoeks-(delta)vleugel.
Kielvlak:             Pijlstand, van boven recht afgesneden.
Stabilo:              geen (de Mirage III/Mirage 5 heeft kleine hulpvleugeltjes, canards).
Romp:                 Radarneus, halfronde luchtinlaten en een halfingebouwde cockpit.
Motoren:              Eén ingebouwd, deze steekt achter het kielvlak uit.

Reacties zijn gesloten.