profiel_viggen

Saab Viggen

De SAAB 37 Viggen is waarschijnlijk de meest tot de verbeelding sprekende Zweedse jager. Hoewel de Viggen nog in de race is geweest om de Starfighter op te volgen bij de KLu, heeft het toestel uiteindelijk nooit enig exportsucces kunnen bereiken, toch is de Viggen een zeer succesvolle fighter. Tot 1990 werden in totaal 329 Viggens in vijf verschillende versies geleverd, welke dat zijn lees je hieronder.

(FOTO: Martin Imhoff, Beauvechain 5 september 1999, 37477/35, JA37 van F21)

Met de Saab 37 Viggen (Bliksemstraal) produceerden de Zweden een multi-functionele jager. Het toestel werd zo’n succes dat het met een totale productie van 329 toestellen op dit moment (nog) de ruggegraat van de Svenska Flygvapnet vormt. Ook al is de opvolger van de Viggen, de Gripen, reeds operationeel toch zal het nog zeker enige jaren duren voordat de Viggen uit het Zweedse luchtruim is verbannen.

Geschiedenis Saab 37 Viggen

Zes jaar hadden de technici van Saab nodig om de eerste van de zeven prototypes van de Viggen op 8 februari 1967 in de lucht te brengen. Het werd hun door hun opdrachtgever niet bepaald gemakkelijk gemaakt. Het nieuwe toestel diende vooreerst alles beter te kunnen dan de Saab 32 Lansen en de 35 Draken, die hij moest gaan opvolgen. Eén en ander hield voor de jachtbommenwerperversie in, dat een snellere klim en verbeterde acceleratie naar supersone snelheid een “must” betekende. In verband met het trekken van korte bochten werd verder van het toestel verlangd dat hogere belastingen door het toestel konden worden opgenomen. “Last but not least” moest de Viggen om in zijn element te komen met een runwaylengte van vijfhonderd meter genoegen kunnen nemen. Deze laatste eis verklaart dan ook de voor die dagen volkomen nieuwe en geavanceerde aerodynamische bouw, waardoor het zich uiterlijk van alle andere operationele gevechtsvliegtuigen onderscheidde. Juist door het behalen van supersone snelheden (mach 2+) en aan de andere kant nog eeens het beschikken over goede stabiliteit- en manoeuvreereigenschappen bij uiterst korte start- en landingseigenschappen, deed Saab uitwijken naar een type met een hoofd- en hulpvleugel (het carnardtype waar we het in Profiel al veel over hebben gehad). De hoofdvleugel bestaat in dit geval uit een dubbele delta, terwijl de veel kleinere hulpvleugel ervoor op schouderhoogte is aangebracht. Met uitgeslagen kleppen levert juist de hulpvleugel tijdens het starten en landen een hoog draagkrachtcoëfficient op. Een prettige eigenschap van de (hoofd)deltavleugel is dat de tipwervels van de wing, die

gewoonlijk op driekwart van de koorde ontstaan, door de tipwervels van de hulpvleugel gedeeltelijk worden gereduceerd. En dit betekent weer dat de draagkracht van de vleugel alleen maar toeneemt. Door deze configuratie neemt de lift van de Viggen in vergelijking met die van de Draken (dubbele deltavleugel) onder dezelfde invalshoek maar liefst met de helft toe. Helaas is aan de toepassing van een hulpvleugel een aantal gevaren verbonden, waarvan het overtrekken zondermeer de meest riskante is. Dit risico hebben de mensen van Saab weten te ondervangen door de kleppen van de hulpvleugel met lucht aan te blazen.

Met de introductie van de Viggen in 1971 werd op ruime schaal de nadruk gelegd op de automatisering van de diverse systemen. Vandaar dat de Viggen ook één van de eerste jagers was, waarin ten behoeve van navigatie en precisie-aanvallen, een computer werd geïnstalleerd. De volledige automatische navigatie is daarvan wel de belangrijkste taak. Daarnaast bestaat zijn tweede taak voornamelijk uit de ondersteuning van het vuurleidingssysteem, dat op zijn beurt wordt gevoed door de gegevens van de radar. De Ericson radar van de JA 37 is volkomen ongevoelig voor “ground-cutter”, wat inhoud dat radarreflecties van objecten op de grond niet verloren gaan en dus duidelijk op de radarscope van de vlieger worden gepresenteerd.

Bovendien is de radar ongevoelig voor de elektronische tegenmaatregelen en stelt de Viggen daardoor in staat om zowel bij dag als bij nacht op geringe hoogte zijn werk naar behoren uit te voeren. Behalve dat de radar allerlei taken vervult zoals het zoeken naar het doel en identificatie daarvan bezit deze onder andere ook een terreinvolgfunctie. Al die en de overige gegevens worden op de voorruit via het Head Up Display (HUD) systeem geprojecteerd, zodat de vlieger constant op de hoogte is van de voornaamste vluchtgegevens etcetera. De centrale Saab CK 37 computer, die 48 specifieke taken bezit, kan 200.000 berekeningen per seconde uitvoeren en zorgt zodoende voor een onafgebroken stroom informatie, die eveneens op de HUD kan worden geprojecteerd.

Nummer één van de zeven robuuste Viggen prototypes vloog voor het eerst op 8 februari 1967, de laatste proefmachine was een trainer namelijk de SK 37 en deed dat op 2 juli 1970. Aanvankelijk zouden de Zweden 831 exemplaren van de Viggen gaan bouwen, maar de luchtmachtplanning moest om budgettaire redenen van dit ambitieuze plan afzien. Zodoende bleef in de zomer van 1990 de productie staken bij de 329-ste Viggen, welk aantal is verdeeld over 17 squadrons. De Viggen is gebouwd in vijf versies, te weten een tactische jachtbommerwerper; de AJ 37, een interceptor; de JA 37, een fotoverkenner; de SF 37, een zeeverkenner; de SH 37 en als laatste een trainer; de SK 37. Van al deze uitvoeringen is de aanvalsversie als eerste sinds het begin van 1971 operationeel, wat tevens het einde van het Saab 32 Lansen-tijdperk markeerde. In totaal werden 106 AJ-37’s over zes squadrons verdeeld, inmiddle sis dit aantal gereduceerd tot 64 stuks over vier eenheden.

Aan de twee squadrons op de F15 vliegbasis Söderhamn zijn vijftien SK-37 trainers toegevoegd, die overigens ook inzetbaar zijn als jachtbommenwerper. Hun hoofdtaak bestaat uit het aanvallen van gronddoelen en oppervlakte schepen. In dit laatste geval wordt gesproken van maritieme interdictie. De AJ-37 Viggen bezit daarnaast ook de mogelijkheid om op beperkte schaal te worden ingezet als platform voor het handhaven van plaatselijk en tijdelijk luchtoverwicht boven het gevechtsterrein.

Het uitvoeren van luchtverkenningen komt voor rekening van de SF-37 en SH-37 Viggens, wiens taak wordt aangevuld door zo’n twintig Saab SK-60C straalvliegtuigen. De eerste van genoemde twee verkenners doet vanaf 1977 dienst.

Van dit type zijn slechts 28 exemplaren (ter vervanging van de S-35E Draken) afgeleverd. Bij de SF-versie heeft de radar plaats moeten maken voor een aantal camera’s. De SH-37 is specifiek een maritieme fotoverkenner, belast met het opsporen en identificeren van schepen rond de Zweedse kust, waarvan er 28 de gelederen versterkten en waarmee een einde kwam aan de diensten S-32C Lansen. Deze Viggen variant is voor zelfverdediging bewapend met één of twee Sidewinders, maar kan daarnaast ook worden ingezet als aanvalsvliegtuig tegen gronddoelen en oppervlakteschepen.

Van alle Viggens is ongetwijfeld de JA-variant de belangrijkste, omdat die het meest geavanceerd is in vergelijking met de overige versies. Als interceptor vervult hij binnen de Zweedse luchtmacht de belangrijkste functie omdat er maar liefst acht squadrons van in totaal 135 Viggens zijn voorzien. De JA-37 is dan ook een toestel, dat onder alle weersomstandigheden kan worden ingezet. In 1979 werd het voor het eerst operationeel. Het verschilt zo sterk van zijn voorgangers, dat er eigenlijk sprake is van een geheel nieuw type. Om te beginnen is er bij dit toestel een krachtiger motor ingebouwd, waarbij de centrale digitale computer het meest in het oog springt, omdat die vijf keer zo snel werkt als de eerder toegepaste.

Belangrijker is misschien nog de zeer geavanceerde Ericson PS-46A pulse-doppler radar, die het toestel de mogelijkheid biedt om meer doelen tegelijk te volgen met een look-down/shoot-down capaciteit. Op patrouillevluchten bestaat de standaard bewapening uit twee Skyflash en vier Sidewinder lucht-lucht projectielen. Voorts beschikt de JA-37 over een 30 mm kanon met een bereik van ruim twee kilometer. Hoewel de Viggen een formidabele jager is, staat zijn opvolger in de vorm van de JAS 39 Gripen reeds in de startblokken en worden, voor zover ik weet, de eersten binnenkort operationeel. De oudste AJ-37 Viggen op de F7 vliegbasis Satenäs worden als eerste vervangen. De ontwikkeling van de Gripen heeft echter in de beproevingsperiode nogal wat vertraging opgelopen. Eén en ander heeft tot gevolg dat 115 AJ-, SF- en SH-37 Viggen vliegtuigen worden gemodificeerd tot de AJS-37 uitvoering, een aanvals-, luchtverdedigings- en verkenningsvliegtuig met gewijzigde bewapeningsmogelijkheden. Zo is het gemodificeerde AJS-toestel voorzien van een verkenningsgondel, vier Sidewinders en twee DWS 39 “bomb-pods”. De AJS-37 zal vier van deze zeshonderd kilo zware systemen gaan meevoeren.

Gebruikers Saab 37 Viggen

Eigenlijk overbodig om te vermelden; alleen Zweden.

Technische gegevens Saab 37 Viggen

Spanwijdte: 10,60 m.
Lengte: 16,40 m.
Hoogte:
Max. gewicht: 22.50 kg. Leeg: 12.200 kg.
Motor(en): Eén Volvo Flygmotor RM.8V turbofan, met een stuwkracht van 126,49 kN.
Lading: 6.000 kg.
Bewapening: Eén 30 mm-kanon en extern meegevoerde wapens, waaronder twee middellange-afstandsraketten.
Max. snelheid: 2231 km/u, mach 2.10 op 11.000 m.
Plafond: 18.300 m.
Combat radius: 483 km., met 1.360 kg bewapening.

Herkenningskenmerken Saab 37 Viggen

Vleugel: Laagdekker met driehoeksvleugel.
Kielvlak: Pijlstand, van boven (kort) recht afgesneden.
Stabilo: Geen (de Viggen heeft net zoals bijv. de Mirage kleine hulpvleugeltjes; canards).
Romp: Radarneus, halfronde luchtinlaten en een halfingebouwde cockpit.
Motor(en): Eén ingebouwd, deze steekt achter het kielvlak uit.

Reacties zijn gesloten.