profiel_tornado

Tornado

De Tornado was (vooral) begin jaren ‘90 bij veel mensen populair na zijn indrukwekkende prestaties tijdens de Golfoorlog waarin de Tornado van een stoer desert camouflageschema werd voorzien. Deze camouflage zorgde er onder andere voor dat slechts zes toestellen verloren gingen. Hoewel we tegenwoordig minder van de Tornado horen is het op dit moment nog steeds de ruggegraat van de Britse, Duitse en Italiaanse luchtmacht.

(FOTO: Martin Imhoff, Volkel 1 juli 1995, ZE966/DZ, Tornado F3)
In 1970 werd door Messerschmitt-Bölkow-Blohm, British Aerospace en Aeritalia een internationale onderneming opgericht, Panavia genaamd. Deze onderneming kreeg tot taak een zogenaamd Multi Role Combat Aircraft (MRCA) te ontwikkelen. Dit MRCA-toestel kennen wij tegenwoordig als de Tornado.

Geschiedenis Panavia Tornado

Inleiding

Algemeen mag worden aangenomen, dat het ontstaan van de Tornado bij veel van onze leden redelijk bekend is en daarom gaan we hier niet al te diep op in. Indertijd werd via een langdurig en moeizaam proces door de Britten, Duitsers en Italianen -andere landen (waaronder Nederland) hadden al afgehaakt- het Panavia consortium van de grond getild. Een overkoepelende organisatie, die de verantwoording kreeg voor de ontwikkeling en bouw van een tweemotorig dubbelzits supersone all-weather jager. Ondanks aanloppproblemen kan men achteraf toch niet anders concluderen dan dat ‘t een succesvol voorbeeld is geworden van een multi-nationale samenwerking in de vorm van partnership. Door de bereidheid tot het sluiten van vergaande compromissen ontstond er een vliegtuig, dat niet alleen qua prestaties en stukprijs binnen de geschatte verwachtingen bleef, maar ook nog aardig op tijd werd geleverd. Zodoende verlieten tot nu toe met de regelmaat van de klok ruim negenhonderd Tornado IDS en ADV jager de productielijnen te Warton (Engeland), Manching (Duitsland) en Turijn (Italië). Op het hoogtepunt van de productielijnen verdienden zelfs niet minder dan 50.000 mensen hun brood met de bouw van dit gevechtsvliegtuig. Het behoort tot één van de meest vooruitstrevende waarover de westerse wereld op dit moment beschikt.

Oorlogservaring

In vele opzichten is de Tornado een succesvol en volmaakt vliegtuig, dat heeft deelgenomen aan de grootschalige luchtaanvallen op Irak onder de codenaam “Operation Desert Storm”. Het is geen geheim, dat hij daar ruimschoots zijn sporen heeft verdiend. Met name de zeer gewaagde precisie-aanvallen op de start- en landingsbanen hebben op menigeen diepe indruk gemaakt. Niet ingewijden dachten daar heel anders over, omdat de verliezen aan eigen zijde in het begin van de strijd nogal hoog waren. Dit kwam voornamelijk omdat men op zeer geringe hoogte vloog en daarbij last had van het afweergeschut. Men besloot daarom al heel gauw, die tactiek te verlaten en de aanvallen voortaan op middelgrote hoogte voort te zetten. Wel zat hier een nadeel aanvast, aangezien het toegepaste Hunting JP 233 wapen z’n maximale effect resulteert onder laagvliegcondities.

Tijdens die missies werden Tornado’s uitgerust met twee van die JP 233 wapens, waarvan de inhoud met een snelheid van 927 km/u boven het doel wordt uitgestrooid. In de eerste instantie dwarrelen dan 30 kleine bommen naar beneden, die in de val door een parachute worden geremd. Zij dienen voornamelijk voor het onklaar maken van de runway. Dan komen er ook nog 215 mijnen vrij, die pas ontploffen wanneer zij worden aangeraakt. Een soortgelijk wapen hebben de Duitsers voor hun Tornado’s ontwikkeld, maar met een andere bestemming. Dat staat te boek als MW-1 en dient voornamelijk voor het vernietigen van tanks en het belemmeren van oprukkende voertuigen. Uit de 224 lanceerbuizen -112 stuks aan elke zijde- kunnen een grote hoeveelheid anti-pantser projectielen worden afgevuurd. Wanneer dit op 50 meter hoogte gebeurt kan er een oppervlakte van 500 bij 2500 meter worden bestreken. Naast het vervullen van de reeds aangehaalde taken is de Tornado tevens geschikt voor het uitvoeren van tactische verkenningsvluchten, luchtverdedigingstaken en elektronische oorlogvoering. Die veelzijdigheid -destijds één van de ontwerpeisen- wordt niet alleen verkregen door de toepassing van de modernste snufjes, maar ook door gebruik te maken van een verstelbare vleugel in combinatie met een groot motorvermogen. In de start en landing alsmede tijdens het langzaam zijn de vleugels gespreid, maar worden naarmate de snelheid oploopt naar achteren gedraaid en ontstaat er met het stabilo een deltavorm. Op die manier kan men bij snel wisselende snelheden de optimale stand kiezen en daarmee de weerstand zo laag mogelijk houden.

Wapenlast

Nadat de eerste Tornado op 8 april 1974 zijn luchtdoop onderging, volgden er nog vijftien testvliegtuigen ten behoeve van het zeer omvangrijke beproevingsprogamma. Zodoende kon pas in 1983 de eerste operationele eenheid worden gevormd. Vanaf dat moment tot 24 maart 1993 vonden 933 Tornado’s hun weg naar de luchtmachten van vier landen. Om te beginnen beschikt Engeland over 229 IDS-Tornado’s (IDS betekent Interdictor Strike), die zij aanduiden als GR.1 en GR.1A en respectievelijk zijn toegespitst op het uitvoeren van aanvals- en verkenningsvluchten. Voor het vervullen van de eerste taak kan aan de zeven ophangpunten (pylons geheten) een grote verscheidenheid aan wapens worden opgehangen tot een maximum gewicht van negenduizend kilo. Er zijn diverse combinaties met explosieven te bedenken, die stuk voor stuk optimaal zijn afgestemd voor de sterk uiteenlopende doelen. Dit kunnen zowel conventionele als nucleaire wapens zijn, die al dan niet via laserstralen naar vijandelijke objecten worden geleid. Een voorbeeld van de laser- of “slimme”-bom is de Paveway, waarvan er maximaal drie kunnen worden meegenomen. Het kenmerk van zo’n bom is de uitzonderlijke trefzekerheid, hetgeen ook overduidelijk in de Golfoorlog werd bewezen. Het geheim zit ‘m in de neus van het wapen, daar bevindt zich het “magisch” oog waarmee reflecties van al dan niet door gecodeerde laserstralen “beschenen” doelen worden opgevangen. Die kunnen door het toestel zelf zijn uitgezonden, maar het is ook goed mogelijk, dat iemand dit doet die achter de vijandelijke linies zit. In het Golfconflict maakten andere toestellen, onder andere Britse Buccaneers, de te vernietigen doelen kenbaar. Met andere woorden: bij type bom dient dus de teruggekaatste energie als geleiding. Voor nucleaire aanvallen beschikken de Engelsen over het WE 177 wapen, dat een vernietigingskracht bezit gelijk aan vijfhonderd kiloton dynamiet.

Video

We vertelden al eerder, dat de fotoversie van de Tornado bij de Britten te boek staat als GR.1A. Normaal gesproken is iedere IDS-variant uitgerust met twee 27 mm boordkanonnen, voornamlijk voor zelfverdediging. Hiertoe dienen ook de mee te voeren infrarood geleide AIM-9 Sidewinder projectielen. Men heeft daarom bij de GR.1A de boordwapens met munitiehouders verwijderd en de daarbij vrijgekomen ruimte benut voor het onderbrengen van het BAe FLIR systeem, aangevuld met de Vinten Linescan 4000 verkenningsapparartuur. FLIR staat voor “Forward Looking Infra-Red”, oftewel voorwaarts gerichte infraroodsensor en bestaat in dit geval uit srie sensoren, waarvan er twee zijwaarts en één neerwaarts gericht is. Deze krachtige “ogen” bestrijken een beeld van horizon tot horizon en doen hun werk dag en nacht bij elk weertype. De beelden worden vastgelegd op zes videorecorders, terwijl elke sensor ook nog andere informatie aan de recorders doorgeeft zoals hoogte, positie, etcetera. Het geheel wordt door een computer gestuurd en is gekoppeld aan de navigatiecomputer, zodat elk beeldje details meekrijgt zoals waar het is opgenomen, bij welke snelheid, etcetera. Gedurende de hele vlucht kan de bemanning op ider gewenst moment de beelden op de beeldschermen in de cockpit oproepen. Een belangrijk voordeel van dit verkenningssysteem is, dat de beeldbanden direct na elke vlucht kunnen worden bestudeerd. Het verloren gaan van tijd, voor het ontwikkelen en drogen van de traditionele film, behoort hierbij tot het verleden. Naast de beide reeds genoemde uitvoeringen beschikken de Engelsen ook nog over 173 Tornado Air Defence Variant (ADV) toestellen. Dit zijn lange-afstand luchtverdedigingsjagers; ze staan te boek als F.2 -een interim versie- en de standaard-uitvoering als F.3, en zijn vorrzien van krachtiger motoren. Beide worden gekenmerkt door een verlengde romp en een wat langere neus voor de inbouw van de nieuwe Maeconi “Foxhunter” radar ten behoeve van het opsporen van luchtdoelen. Hun voornaamste taak bestaat uit het bevechten en behouden van het luchtoverwicht, waarvoor zij doorgaans zijn bewapend met vier onder de romp bevestigde radar geleide Sky Flash projectielen voor de middellange afstand en vier infraroodgeleide Sidewinders voor de korte afstand.

ECR-variant

Ook onze buurmannen zijn een trouwe Tornado gebruiker en hebben van de IDS-uitvoering 324 exemplaren in dienst. Zij gebruiken een aantal Torren voor acties tegen oppervlakteschepen en deze Tornado’s, van de MarineFliegerGeschwader2, bezitten daarom een enigzins afwijkende wapenuitmonstering. Bovendien beschikt de Luftwaffe over een specifieke elektronische gevachtsvariant (35 stuks), herkenbaar aan de toevoeging ECR, hetgeen voor “Electronic Combat and Reconnaisance” staat. Zijn voornaamste taak bestaat uit het veilig langs luchtafweergordels loodsen van eigen aanvalsformaties. Dit houdt in dat vijandelijke opstellingen van luchtdoelraketten en radarposten buiten werking moeten worden gesteld. Eerst dient de lokatie te worden opgespoord en daarvoor bezit de Tornado ECR het ingenieuze “Emitter Locator System” (ELS). Het hart van de ELS bestaat uit een hoeveelheid zeer gevoelige radardetectors, die van de vijandelijke vuurleidingsradars over het gehele over het gehele frequentiespectrum de stralingen opvangen. Wanneer hun posities eenmaal zijn gelokaliseerd kan de tornado ECR daar HARM (High Speed Anti-Radiation Missile) projectielen op afvuren. Dit anti-radarwapen raast met twee maal de snelheid van het geluid op zijn doel af en heeft een bereik van 80 km. Als neventaak kan de ECR ook worden ingezet voor het uitvoeren van verkenningen en beschikt daarvoor over infrarood-apparatuur. De Italianen beschikken over honderd IDS Tornado’s, waarvan er in 1993 zestien zijn omgebouwd tot een ECR-variant. De enige order van een niet tot het Panavia consortium behorend lid komt uit Saoedi-Arabië. Dit land heeft indertijd 72 exemplaren (48 IDS en 24 ADV-varianten) aangeschaft en eind 1993 plaatsten de Saoedi’s een vervolgorder van 48 toestellen. Daarmee komt dan het totaal op 981 Tornado’s, hetgeen een niet onverdienstelijk succes mag worden genoemd, zeker omdat het onstaan van de Tornado niet geheel vlekkeloos ging.

Stealth-achtig

Na anderhalf jaar vertraging, gedeeltelijk als gevolg van het Golfconflict, kon eindelijk de eerste van drie gemodificeerde Tornado’s het luchtruim kiezen. De als GR.4 aangeduide variant zal waarschijnlijk nooit in de oorspronkelijke opzet massaal de fabriek verlaten. De “opgefokte” GR.4 beschikt ondermeer over nachzichtapparatuur, een grootbeeld HUD, verbeterde infraroodcamera’s, een digitale databus, een nieuw wapen overzichtsysteem, het GEG-Marconi Spartan passief terreinreferentie navigatiesysteem (TRN) een GPS en nog andere geavanceerde avionica. De laatste twee systemen, gecombineerd met het reeds aanwezige “Inertial Navigation System” (INS), stelt de Tornado GR.4 in staat om op “stealth-achtige” wijze zeer laag onopgemerkt zijn doel te naderen, zonder daarbij gebruik te hoeven maken van zijn actieve automatische terreinvolgradar. Het hard van het TRN-systeem bestaat uit een computer en een hoogtemeter, die een uiterst smalle bundel radarstralen uitzendt en dus moeilijk is te peilen. In de computer zitten in digitale vorm beelden van landkaarten opgeslagen, die worden vergeleken met de waarnemingen van de radarhoogtemeter waardoor de positie bekend is. Eenmaal in de buurt van het doel gekomen zal men toch, om ze te kunnen waarnemen, met behulp van infrarood- en nachtzichtapparatuur de exacte lokatie van het vijandelijke object moeten bepalen.

Gebruikers Panavia Tornado

Gebruikers van de Panavia Tornado zijn; Duitsland, Groot-Brittannië, Italië en Saoedi-Arabië. Deze laatste drie landen hebben de Tornado tijdens de Golfoorlog met groot succes tegen Irak ingezet met een totaal verlies van slechts zes toestellen.

Technische gegevens Panavia Tornado

Spanwijdte: 13,91 m. gespreid en 8,60 m. ingetrokken.
Lengte: 16,72 m.
Hoogte: 5,95 m.
Max. gewicht: 28.000 kg.
Motor(en): Twee Turbo-Union RB-199-34R turbofans met elk 7.290 kg.
Lading: 9.000 kg.
Bewapening: Twee IWKA (Capt.) Mauser 27 mm kanonnen. AIM-9’s, bommen, Skyflash AAM’s, LGB, B61 nucleaire bommen (Luftwaffe), JP233 (RAF) en MW-1 (Luftwaffe).
Tormado GR.1B: Sea Eagle-bewapening
Marineflieger Tornado: Kormoran-bewapening
Tornado ADV: Eén IKMA-Mauser 27 mm kanon.
Tornado F.3: Alenia Aspide AAM’s onder de romp.
Max. snelheid: Mach 2.2 hoog, Mach 0.92 op Sea Level.
Plafond: 18.200 m.
Combat radius: Hi-lo-hi: 1.390 km. met wapenlast
Ferry range: 3.890 km.
Combat Air Patrol mission: 555 km. tot 740 km. = vanaf basis met time for interception plus 10 min. als de “dogfight” 2 uur duurt.

Herkenningskenmerken Pan(or)avia Tornado

Vleugel: Schouderdekker, verstelbaar, ingetrokken sluit de vleugel aan met het stabilo.
Kielvlak: Hoog en groot, pijlstand, afgerond, met ECM en inlaat.
Stabilo: Groot, pijlstand, lager geplaatst dan vleugel, tips recht afgesneden.
Romp: Radarneus, schuin afgesneden, vierkante luchtinlaten onder de half ingebouwde tandem cockpit, platte rechte onderkant.
Motor(en): Twee tegen elkaar, gelijk eindigend met kielvlak.

Reacties zijn gesloten.